A New Look

Een column van Els Smit 

P1010010 (3)

©PdeB

‘Ik heb het zelf ook …’

Overal waar onverwacht concurrentie toeslaat, probeert de gevestigde orde natuurlijk de strijd aan te gaan. Dat valt niet altijd mee, vooral niet als je jarenlang hebt gedacht dat je onaantastbaar was. Dat leidt soms tot zeer merkwaardige gedachtegangen.

Zo meende in de jaren negentig (en volgens mij is dat nog steeds zo) de publieke omroep het te kunnen winnen van de oprukkende commerciële omroepen door ‘Precies Hetzelfde als Zij’ te gaan doen. Ik kan het weten want ik presenteerde toen een radio-nachtprogramma bij de publieke omroep. In vergaderingen (overdag) met veel statistieken op overhead-projectoren heb ik, geloof ik, twee keer geroepen dat ‘ we’  nu juist Niet hetzelfde moesten gaan doen. Twee keer was hoon mijn deel. En welke zeeman doet iets tegen de storm? Van een fantastische loods-op-de-grote vaart met van die helderblauwe zeemansogen heb ik ooit geleerd: ‘Vooral in geval van noordwesterstorm trekken wij ons terug in Europoort en wachten wij op betere tijden.’

De betere tijden voor de publieke omroep moeten natuurlijk nog komen, maar alles kost tijd en geduld. Dat heb ik niet van een loods, maar van een hoofdredacteur die een failliete krant wilde redden.

Veel tijd heeft de gevestigde middenstand echter ook niet vooral waar het gaat om de concurrentie met internet. Ongeveer alles gaat vandaag de dag al met de snelheid van een muisklik: (verkeerde) broeken kopen, (lelijke) mails versturen, doodwensen, wenskaarten. De begenadigde modeontwerper Jan Taminiau, die zulke mooie (avond)jurken voor koningin Máxima maakt, probeert de nieuwe generatie te wijzen op oude ambachten en daarmee op dat geduld een schone zaak is. Maar is er nog tijd?

De eerste stap van ongeveer alle modewinkels, boetiekjes, parfumerieën was natuurlijk om ‘Precies Hetzelfde als Zij’ te gaan doen. En zo hebben ongeveer alle winkels in Nederland nu een webshop. Het lijkt om ons als klant te gaan, maar het gaat natuurlijk om de winkels zelf. Ik bedoel: hoeveel losse papiertjes met inlogs heeft u? Daar word je toch gek van. Er komen vast wel weer Inlog-adresboeken voor op de markt, maar toch.

Websites, kortingcoupons, digitale klantenkaarten: een kat in het nauw maakt vreemde sprongen. Maar daarmee heb je nog niet je winkel met de hoge huur in het fancy winkelcentrum of je felbegeerde start-boetiekje in een straatje achteraf veilig gesteld.

Er is veel over nagedacht, langdurig over vergaderd, er zijn deskundigen met mega-gages voor ingehuurd, winkelpersoneel heeft er vrijwillig onbetaalde uren aan gespendeerd. Maar goed, uiteindelijk is er wél iets uitgekomen: De Persoonlijke Benadering.

Vooral als in: ‘Ik heb het zelf ook.’

Dat je laten we zeggen een tight fit broek maat 38 wilt en maat 38 is uitverkocht. Maar maat 40 is er wel. Dat je die dus aantrekt en dat je aarzelt. En dat dan de verkoopster zegt: ‘Zo héél strak moet een broek ook niet zitten. Met een riem eromheen haal je al heel veel van de ruimte weg. Kijk.’

Andersom komt ook voor. Een beeldschoon vestje van op de pop, ja dat wil ik. En dat als je het aantrekt je het niet dicht krijgt. Dom, dom. Want: ‘ Dit gaat u helemaal niet dicht dragen. Daar zijn die vestjes niet voor.’ Want: ‘Die ruimte aan de voorkant vult u op met een sjaal. Met een sjaal kan je zó veel verhullen.’ En vooral: ‘Ik doe dat zelf ook. Kijk.’

Sinds jaar en dag is de truc in kledingwinkels dat de meestal onderbetaalde verkoopsters in kleding uit de collectie van de winkel lopen. Dat is nog zo.

Voor verkoopsters in parfumeriezaken ligt dat een stuk lastiger. Maar lo en behold: ook daar, hoor:  ‘Ik heb het zelf ook.’ Het maakt niet uit wat je overweegt te kopen, je blijkt permanent te maken te hebben met een ervaringsdeskundige. Dan krijg je dus bijvoorbeeld dit:

‘Kan ik u helpen?’

‘Ja, ik zoek een vocht inbrengende crème, ik heb tot nu toe Clinique gebruikt, maar…’ (… ‘ik wil eens iets anders’, wil je zeggen).

‘O, ik heb het ook jarenlang gebruikt, maar ik heb het er helemaal mee gehad. Ik zwéér op dit moment bij Shiseido en Annayake.’

En na mijn opgetrokken wenkbrauw:

‘Ja, echt waar.’

We hadden hier namelijk een mannelijke verkoper.

Uit: 'Are You Being Served?', BBC Wikipedia.

Uit: ‘Are You Being Served?’, BBC, 1976.  Wikipedia.

Zou Máxima dat nou óók hebben? Moeilijk voor te stellen dat die lieve Edouard Vermeulen van het modehuis Natan tegen haar zegt: ‘Enig hè, die kuitlange rokken, ik draag ze al járen … ’

Of dat haar het nieuwe zes- sprongen-gezichtsreinigingsplan van Allicoña wordt aangepraat.

Want een koningin láát zich niets aanpraten.

Nou ja, ik ook niet altijd. Ik ben een groot Kringloop-koopster. Zo heb ik onlangs in de bazaar die hier in de buurt om de veertien dagen in de kerk (ja, in de kérk) wordt gehouden voor € 5,- een Burberry-jas gekocht, donkerblauw en nieuw. Het model stamt weliswaar uit de jaren tachtig, maar de jas heeft kennelijk 35 jaar in een kast gehangen. En aangezien Burberry bóven de mode staat, vertoont het model ook geen gekke, opgevulde schouders.

Die jas draag ik dan over het royal blue vest van koninklijk ontwerpster Sheila de Vries dat ik onlangs voor € 29,95 in de uitverkoop kocht.

Dat heb ik dan weer.

 

Copyright Els Smit

Gepubliceerd 17 januari 2015