Koninklijke juweliers: Boucheron

Rijkdom, titels en courtisanes

Mrs Greville's diadeem, 1921, foto en copyright Boucheron

Boucheron, place Vendôme, Parijs

Vestigingen over de hele wereld, bijvoorbeeld – recentelijk geopend in Qatar – . Maar geen enkele andere juwelier is zo parisien: de Chic, de Vrouw, maar ook: Oh-la-la en de Vròuwtjes. Courtisanes, chansonniers, kunstenaars en couturiers: ze zijn door de jaren heen bronnen van inkomsten en inspiratie geweest. Voor sieraden met ‘ingehouden extravagantie’. Voilà: Boucheron.

Alexander III, tsaar aller Russen (1818-1881) was waarschijnlijk de laconiekste van alle bebaarde en besnorde koninklijke klanten van Boucheron. Hij kocht tijdens één visite gewoon  identieke sieraden voor zijn vrouw tsarina Maria en zijn maîtresse Catharina Dolgorukaja. Hij liet dat ook als zodanig op de rekening van Boucheron zetten.

Hoewel het gros van de koninklijke huwelijken nog altijd was gearrangeerd en koninklijke maîtresses eerder regel dan uitzondering waren, was dit soort openhartigheid uniek.

Tsaar Alexander II, ca. 1865

Achteraf gezien kan je zeggen dat het een waarlijk nobele geste van Aleander richting zijn vaak beschimpte maîtresse is geweest. Trouwens, na de dood van de tsarina in 1880 trouwde Alexander  zijn ‘Katja’.

Comme-ça en ga- maar-na

Collega-koninklijke en anderszins welgestelde klanten in het Parijs van ‘Comme-ça en ga- maar-na’ in de tweede helft van de negentiende eeuw, waren minder open over de bestemming van hun bestellingen. Intussen is toch behoorlijk wat bekend geraakt, mede dankzij Bocheron zelf, die nooit een geheim heeft gemaakt van zijn cliëntèle, dat wil zeggen; de cliëntèle van toen.

Frédéric Boucheron (1830-1902)

Over de huidige klantenkring zwijgt de juwelier comme il faut in alle talen. Tenzij een doorluchtige klant zelf verkiest om te verschijnen bij een openbare door Boucheron georganiseerde gelegenheid en zo de band tussen beiden bevestigt. Prinses Michael van Kent deed dat bijvoorbeeld en de Britse prins Philip. Zeker is dat hij in  1952 bij Boucheron een armband voor koningin Elizabeth heeft gekocht t.g.v. hun vijfjarig huwelijk.

In 1952 bestond de juwelier bijna een eeuw en was al decennia een household name aan vrijwel alle koninklijke hoven ter wereld. Frédéric Boucheron die in 1858 in Parijs het juwelenhuis vestigde, had inderdaad snel naam gemaakt, met name omdat hij aanvoelde dat de Parijzenaars een beetje uitgekeken waren op de retro Griekse en Romeinse mode van Napoleon. En ook op de oud-Franse hofmode die keizerin Eugénie (1826-1920), de leading lady van het Tweede Keizerrijk, opnieuw had geïntroduceerd.

Boucheron ging bijna letterlijk terug naar de natuur. Zijn eenvoudig ogende, maar o zo geraffineerde ontwerpen van broches in de vorm van bladeren en boeketjes sloegen meteen aan. Net zoals zijn originele gebruik van materialen. Hij combineerde koraal, bergkristal en zelfs (acacia)hout met emaille en zeldame edelstenen. Zijn specialiteit was het graveren van diamant. Het was allemaal nog nooit vertoond.

It-juwelier

La belle Otèro

Van de ene dag op de andere was Boucheron dus wat we nu zouden noemen een it-juwelier. Als je niet bij hem kocht, dan telde je niet helemaal mee en zeker niet in het keiharde wereldje van de courtisanes. De heren van de dames lieten zich maar wat graag de weg wijzen. De uitmonstering van hun maîtresses straalde immers ook op hen af. Zo maakte Boucheron voor de danseres Caroline ( ‘La Belle’) Otèro, tevens liefje van onder anderen Albert I van Monaco, de Britse kroonprins Edward, diverse koningen van Servië en van Spanje, de onvermijdelijke Russische grootvorsten en de Amerikaanse multimiljonair William Kissam Vanderbilt, een kuras, eigenlijk een lijfje dat helemaal was bestikt met de duurste edelstenen.

De enige bekende foto van La Païva

Baas boven baas was de gravin Henckel von Donnersmarck, née Thérèse Lachmann (1819-1884), toen en nu bekend als La Païva, de naam van haar tweede echtgenoot de markies van Païva. De Franse journalist Henri de Villemessant zag haar eens uit haar rijtuig stappen ‘gehuld in een mantel van onbetaalbare zilvervos, met daaronder kostbaar kant, diamanten aan iedere vinger, oorbellen die per stuk wel 20.000 livres kosten, het was pure magie.’ Als ze die dag haar gele diamanten heeft gedragen, dan waren die van Boucheron. En: zelf betaald. Want hoewel iedere courtisane financiële onafhankelijk wilde zijn, wás La Païva dat.

Erfdochter

Sarah Bernhardt, 1880

Die positie had ze gemeen met menig Amerikaanse rijke erfdochter die met verarmde Europese, meest Britse adel trouwde. Een mooi voorbeeld daarvan is Consuela Vanderbilt. Zij trouwde in 1895 met de Britse hertog van Marlborough. En papa, voornoemde William Kissam Vanderbilt, kocht voor die gelegenheid een kroonachtig diadeem voor haar. Bij Boucheron.

Oscar Wilde, ca 1889

Rijkdom, titels en courtisanes: het vond elkaar in laat-19de eeuws Parijs. Maar deze bruisende demi-monde (een term verzonnen door Alexandre Dumas fils in 1855) trok ook aristiek talent aan.  De Ierse schrijver Oscar Wilde woonde er met enige regelmaat en kocht er zijn karakteristieke pinkringen en dasspelden. Bij Boucheron. Oscar vond natuurlijk de actrice Sarah (‘De Goddelijke’) Bernhardt op zijn pad, getooid met juwelen. Van Boucheron.

Eigenlijk geen wonder dat een statuszoekster als de welgestelde Britse Margaret Greville, getrouwd met een conservatief Lagerhuislid, begin twintigste eeuw, bij Boucheron juwelen kocht. Margaret was goed bevriend met Elizabeth, de moeder van de huidige Britse koningin. Aan haar liet Margaret bij haar dood in 1942 al haar juwelen na. Onder meer een diadeem van diamanten, dat de queen-mum vaak heeft gedragen en dat nu op Camilla, hertogin van Cornwall is overgegaan (foto helemaal bovenaan, links, klik op foto voor vergroting).

Mode

Koningin Rania, 2010

Dit diadeem had Boucheron een aantal keren aan de eisen van nieuwe tijden aangepast, de laatste keer begin jaren twintig. Want als altijd hield de juwelier de mode haarscherp in de gaten. Geen wonder dat samenwerking tussen de keizer van de couturiers Christian Dior en Boucheron, vlak na de Tweede Wereldoorlog vanzelfsprekend was. Dankzij hen werd Parijs in 1948 opeens weer het magisch centrum van het mode-heelal. Diors New Look, schoenen van Roger Vivier en sieraden van Boucheron: het was dé combinatie.

Nóg haakt het bedrijf traditiegetrouw graag in op trends. Koningin Rania van Jordanië, die de haarbandjesmode van 2005 wel iets vond, droeg in 2010 bij het huwelijk van prinses Victoria van Zweden, een diadeem als een haarbandje. Het is tevens een armband. Gesigneerd: Boucheron. Klein, maar fijn. Maar zeker ook:  ingehouden extravagantie.

 

Copyright Els Smit

Gepubliceerd op 21 februari 2012

Eerste publicatie Vorsten nr 10 2010

Klik op de foto’s voor vergroting en gedetailleerde bronvermelding