Koninklijke juweliers: Cartier

De magie werkt nog steeds …

Cartier, Rue de la Paix, 1910

Kate Middleton, 2011, met Cartiers halodiadeem

Op de huwelijksdag van prins William en Kate Middleton op 29 april 2011 was er een klein feestje op de burelen van het beroemde juweliershuis Cartier in Parijs. Kates something borrrowed op deze dag was het halodiadeem dat Cartier-Londen 75 jaar ervoor had gemaakt voor Elizabeth, duchess of York, de latere Queen Mother.

Het was niet alleen trots die de feeststemming in Parijs veroorzaakte, maar ook de wereldwijde gratis publiciteit die het multimedia-huwelijk genereerde.

Toch was het niet helemaal toevallig dat Kate een Cartier-diadeem droeg. De Parijse grand joaillier heeft connecties met bijna alle koningshuizen uit heden en verleden, maar de band met de Britse koninklijke familie is uitzonderlijk.

De relatie bestaat al meer dan honderd jaar. Edward VII (1841-1910), de betovergrootvader van prins William, noemde Cartier al: ‘De juwelier van koningen en de koning van de juweliers’. De Londense vestiging van het Franse juweliershuis is van meet af aan een geduchte concurrent van de door en door Britse hofjuweliers geweest, Hoewel de juweliers natuurlijk zelf nooit van concurrenten spreken, maar altijd van ‘collega’s’.

Trinity

 

Aankomst Edward, Prins van Wales, bij Cartier, Parijs. jaren 30

De invloed van Cartier op de juwelencollectie van de Windsors is zo groot geweest dat alle prominente leden van de familie wel een of meer stukken van de juwelier in hun bezit hebben. Zo had Margaret een grote diamanten roos en koningin Elizabeth heeft de beroemde Cartierclips bezet met aquamarijnen. Prinses Diana had de  ‘Trinity ring’: een ontwerp uit 1922 dat een luxe uitgave was van de Russische drievoudige trouwring. Cartier maakte hem in rood en wit goud en platina.

Het is een beetje ironisch dat terwijl in de jaren dertig de familie verscheurd was door de abdicatiecrisis alle gebrouilleerde familieleden ondanks alles bij Cartier bleven kopen, Edward, Prins van Wales, na zijn abdicatie Hertog van Windsor, voorop.

Jeanne Toussaint, ca 1930

Dat er in de juwelencollectie van de Windsors zoveel Cartierstukken zijn, komt doordat Edward het goed kon vinden met de hoofdontwerpster van Cartier. Jeanne Toussaint was in 1933 bij de firma gekomen. Ze was bevriend met de couturier Coco Chanel en was de minnares van Louis, een van de drie broers Cartier. Behalve dat ze een begenadigd ontwerpster was, voelde ze feilloos aan wat de vrouwen van haar tijd bewoog. Die wilden vrijheid en langzaamaan  veroverden ze die ook. De kleding volgde die ontwikkeling en werd sluiker en simpeler: de perfecte achtergrond voor geraffineerde juwelen.

(Verre) Oosten

Jeanne, die een voorliefde voor het Verre Oosten had, kwam bij Cartier ook wat dat betreft in een warm bad terecht. De gebroeders Cartier (Louis, Pierre en Jacques) hadden in de voetsporen van hun vader Alfred hadden al sinds de eeuwwisseling een studie gemaakt van oosterse culturen.

Pierre was bovendien in 1904 naar Rusland getrokken om daar van Fabergé de kunst af te kijken voor het maken van snuisterijen. Hij sloot er vriendschappen in de Petersburgse elite en hij ging overstag voor de rijke Russische cultuur.

Diadeem voor de Russische prinses Youssopov, bergkristal en diamanten, 1911

Door de Russische Revolutie was de Cartierwinkel in Sint Petersburg echter geen lang leven beschoren. Daar stond tegenover dat na de na de executie van de tsarenfamilie in 1918 veel aristocraten en kunstenaars naar het westen vluchtten, in casu Parijs.

De Ballets Russes van Serge Diaghilev en de mysterieuze kostuums en decors van dat andere genie Léon Bakst waren een inspiratiebron voor veel kunstenaars. Voor Cartier waren ze doorslaggevend voor de verdere ontwikkeling. De juwelenontwerper Charles Jacques, die al bij vader Alfred in dienst was gekomen, verdiepte zich in al die geheimzinnige culturen. Al doende werd hij een van de grondleggers van de Art Déco.

Indiase vorsten

Vorst Yavindra Singh met een familie erfstuk uit 1928, gesigneerd Cartier

Al die kennis van het Oosten maakte Cartier laagdrempelig voor de Indiase vorsten die om de haverklap hun solidariteit met ‘hun keizer’, de Britse koning kwamen betuigen. Op de terugweg deden ze graag Parijs aan, voor Wein, Weib und Gesang, maar ook om hun juwelen te laten veranderen tot wat we nu fusion zouden noemen. Cartier dankt zijn kostbaarste opdrachten aan de vorsten van India.

Tutti Frutti armband

Jeanne Toussaint zou hierdoor geïnspireerd samen met Charles Jacques en Jacques Cartier een van de beroemdste juwelenseries aller tijden ontwerpen. Het waren colliers en armbanden van gegraveerde robijnen, saffieren, smaragden en diamanten (een Oosterse techniek) in Jaipur emaille met Westerse elementen zoals kwastjes. Omdat ze zo bijzonder en zo mooi waren, kreeg de serie al gauw een bijnaam: bekendste is ‘Tutti frutti’.

De veelkleurige sieraden  waren een instant hit, in de Verenigde Staten (dollarprinses Doris Duke) en in Europa (Lady Edwina Mountbatten). Nu zijn het collector’s items en worden verkocht voor bedragen van minimaal zes nullen.

Dat Cartiers ontwerpen ook in de Verenigde Staten meteen aansloegen, had behalve met betere scheepvaartverbindingen te maken met het feit dat Pierre met een Amerikaanse societydame was getrouwd en met zijn charme en vakbekwaamheid een goedbeklante business had opgebouwd.

Imperium

Lorgnet voor Wallis, hertogin van Windsor

En zo was Cartier uitgegroeid tot een solide  imperium, gebouwd op de fundamenten die Louis-François, de grootvader van de drie broers, in 1847 met zijn Parijse winkel in kunstvoorwerpen had gelegd. Dat zou ook weer blijken toen Jeanne Toussaint samen met de nieuwe ontwerper Peter Lemarchand na de Tweede Wereldoorlog een nieuwe aan de natuur ontleende stijl introduceerde. Haar pantersieraden waren ook weer een wereldwijd succes.

Spijkerarmband van Aldo Cipullo

Edward kocht armbanden en broches voor Wallis, in The States ging erfgename Barbara Hutton meteen voor de bijl en de Aga Khan kocht voor zijn vrouw Nina een hele collectie. ‘La Panthère’ zoals Louis haar liefkozend noemde, overleed in 1978.

Nieuwe grote ontwerpers volgden haar op. Zoals Aldo Cipullo. Van hem is ondermeer de intrigerende Nail-collectie uit 1971 die onlangs nieuw leven is ingeblazen (foto rechts).

Anita van Eijk op haar trouwdag, 2005

En ook bij de koninklijke cliëntèle heeft zich nu dus een nieuwe generatie gemeld. Zelfs in Nederland. Prinses Anita droeg bij haar huwelijk een paar oorbellen van Cartier. Ze waren geleend, maar dat komt in de beste koninklijke families voor.

Het huis Cartier is inmiddels in andere handen overgegaan, zoals zo veel oude familiebedrijven. Maar over de identiteit en de uitstraling wordt gewaakt. Met succes, want de magie werkt nog steeds.

 

Copyright Els Smit

Gebaseerd op ‘Cartier’ in de serie ‘Juwelenhuizen’ in Vorsten 11 2010, copyright ES

Gepubliceerd op 1 oktober 2012 

 

Klik op de foto’s voor vergroting en gedetailleerde bronvermelding