Koninklijke juweliers Fabergé

Juweeltjes, o, als (paas)eieren zo groot … 

Tsarina Alexandra in 1914

Mozaïek-ei , Fabergé 1914

Het beroemdste van al Fabergé’s scheppingen zijn de eieren. Op de tentoonstelling in Holyrood Palace toont de Britse koninklijke familie uit eigen bezit een van de mooiste die Fabergé ooit maakte: het Mozaïek ei. Diamanten, robijnen, topazen, saffieren en granaten, parels en smaragden vormen zo’n vernuftig patroon dat het wel petit point borduurwerk lijkt. Dat was ook de opzet van Alma Theresia Phil die het ei in 1914 ontwierp voor de Russische tsaar. Ze zei dat haar inspiratie voor dit ontwerp kwam van haar schoonmoeder die ze kon uittekenen als  bordurend bij de haard.

Na de Russische Revolutie confisceerden de nieuwe Russische machthebbers de meeste keizerlijke juwelen. Velen werden (ver onder de prijs) verkocht. In mei 1933 kocht koning George V het ei als verjaardagscadeau voor zijn vrouw koningin Mary. Voor 250 Britse Ponden.

Vanaf 1885 maakte Fabergé voor de Russische tsaar bij ieder Paasfeest een juwelenei: telkens anders en altijd met een ingesloten verrassing.

Maar in de ateliers van een van Moedertje Ruslands grootste zonen zijn zo veel meer prachtige dingen gemaakt. Objets d’art  heten ze of objets de fantasie. Snuifdozen, portretlijstjes, klokken, miniatuur-dieren, briefopeners, sigarettendozen, tafelbellen en ook: handvatten van parasols.

Koningin Emma

Koningin Emma in de tuin van Paleis Soestdijk

De matriarchale koningin Mary van Groot-Brittannië (1867-1953) had een aantal parasols met een Fabergé handvat. Maar ook de Nederlandse koningin Emma (1858-1934). Altijd geprezen om haar eenvoud, had Emma waar het om kleding en  accessoires ging natuurlijk een vorstelijke smaak.  En een van haar zo kenmerkende parasols had een handvat van oranje (!) email bezet met diamanten: van Fabergé. De parasol moet zich nog in de Nederlandse koninklijke verzamelingen bevinden.

Fabergé had overigens een aparte designafdeling voor parasolhandvatten voor de crême de la crême van zijn toch al  elitaire cliëntèle.

De Windsors bezitten honderden Fabergé-juweeltjes. De basis van de verzameling is gelegd door koningin Alexandra (1844-1925), de vrouw van koning Edward VII en de schoondochter van koningin Victoria.

Nijlpaardje:agaat en roze diamant, copyright The Royal Collection

Ronduit vertederend zijn de miniatuurdieren van agaat en chalcedoon,  vervaardigd aan de hand van tekeningingen van dieren in en om het woonpaleis Sandringham.

Op de expositie in Holyrood zijn ook miniaturen van wilde dieren te zien. Bijvoorbeeld een nijlpaardje van agaat met roze diamanten als oogjes. En een neushoorn van chalcedoon met diamanten oogjes. Beide juweeltjes zijn aangeschaft door koningin Alexandra. Ze was een absolute Fabergé-fan. Haar zoon George (de latere koning George V) zei ooit eens: ‘Je moet na een verjaardag de vertrekken van Motherdear zien … ze krijgt de halve Fabergéwinkel cadeau.’ In 1903 had Fabergé in Londen een winkel geopend, op aandringen van onder anderen koning Edward VII, zijn vrouw Alexandra én zijn maitresse Alice Keppel.

Adept

Prinses Alexandra (links) en haar zuster Maria Feodorovna

Dat de kunst van Fabergé in Londen zo aansloeg was natuurlijk in de eerste plaats zijn eigen verdienste, maar het waren ook koninklijke familiebanden geweest die hem in staat hadden gesteld zijn vleugels buiten Rusland uit te slaan. Koningin Alexandra, een van oorsprong Deense prinses, was de zuster van tsarina Maria Feodorovna (geboren prinses Dagmar). Maria was een Fabergé-adept van het eerste uur.

Zij had gezien hoe Carl Fabergé de solide, maar bescheiden juwelenwinkel van zijn vader Gustave aan de Bolshaia Morskaia in St. Petersburg op een steeds hoger plan bracht. Ze zag hoe zijn vakmanschap en zijn grenzenloze nieuwsgierigheid naar oeroude technieken en culturen een revolutie op juwelengebied bewerkstelligden.

Ter gelegenheid van Pasen 1884 leverde hij op bestelling van Maria’s echtgenoot tsaar Alexander III een miniatuur-ei dat duidelijk was geïnspireerd op een dergelijk ei in de verzameling van koning Christiaan van Denemarken, de vader van de tsarina. Fabergé had een gevoelige snaar bij Maria geraakt. Via haar zou hij heel veel mooie dingen gaan leveren aan het Deense en het Britse hof. Die droegen allemaal de naam van Fabergé. In werkelijkheid groeide zijn imperium zo snel dat Carl zijn handen vol had aan wat we nu ‘het management’ noemen. Hij was een goede manager en daarom huurde hij ook de allerbeste edelsmeden, ontwerpers en emailleurs in. Hij haalde ze uit heel Europa. De in totaal dertig paaseieren die hij voor het Russische hof maakte droegen vaak de handtekening van de van oorsprong Finse juweliers Henrik Wigström en vader en zoon August Wilhelm en Albert Holmström.

Beauty

Het Bevroren Nobel Ei

Fabergé leverde overigens zijn trademark eieren niet alleen aan het Russische hof. Zo maakte hij voor de Zweedse industrieel Alfred Nobel, de Bill Gates van het 19de eeuwse Zweden (en de grondlegger van de Nobelprijzen), het Sneeuwvlok ei, ook bekend als het Bevroren Nobel Ei.  Een beauty zonder weerga van transaparant wit email, platina en pareltjes.

Ook de elite van Sint Petersburg toonde zich gevoelig voor de schoonheid van Fabergé’s eieren. Tout Petersburg droeg, zeker in de paastijd, geëmailleerde Fabergé-eieren: als broches en als hangers aan colliers.

Zó zag Carl Fabergé zijn scheppingen ook het liefst: als ornamenten. Hij had niet veel op met collega-juweliers zoals Boucheron en Cartier in Parijs en Tiffany in de Verenigde Staten, waar het vooral om een beperkt aantal soorten dure edelstenen ging.

De Russische prinses Tatiana Youssopov, een van Fabergé's trouwste klanten

Toch werden in de ateliers in Sint Petersburg ook dit soort traditionele juwelen gemaakt, echter vooral op bestelling van de oude adellijke families van de stad, zoals de Potempkins en vooral de Youssopovs.

Vertekend beeld

Er zijn veel meer diademen, colliers en armbanden in de werkplaatsen van Fabergé gemaakt dan we nu denken. Het communistische bewind in Rusland heeft echter heel veel juwelen te gelde gemaakt en ook gevluchte Russische aristocraten hebben veel van hun juwelen verkocht. Hierdoor is het beeld vertekend.

Neemt niet weg dat Carl Fabergé’s hart bij de ornamentale kunst lag, waarbij hij de materialen uitkoos op hun bruikbaarheid, niet in de eerste plaats op hun waarde. Hij moet wat dat betreft in Luilekkerland hebben geleefd: in de Oeral en in Siberië lag een veelheid aan edelstenen op hem te wachten. En hij maakte er letterlijk en figuurlijk dankbaar gebruik van. Voor koning Chulalongkorn van Siam (Thailand) ontwierp hij een serie miniaturen in nefriet uit Siberië dat de (groene) kleur van jade heeft. Want Fabergé werkte ook voor de koning van Siam. En voor de koning van Zweden en Noorwegen. Maar met de Russische revolutie van 1917 was het (ook) met Fabergé gedaan. Hij had de geest van de tijd goed aangevoeld, mogelijkerwijs met goedkeuring van de keizerlijke familie. Het laatste ei dat hij voor de tsarina maakte was, in 1916,  een martiaans ei van staal.

 

Klik op de foto’s voor vergroting en gedetailleerde bronbeschrijving

Copyright Els Smit’

Gepubliceerd op 28 maart 2012

Gebaseerd op artikel Els Smit in Vorsten nr 8 2010