Royal Cuisine -10-

Willemientjes

Illustratie en copyright Hélène Jorna

brochure, WO II

Koningin Juliana heeft de naam, maar koningin Wilhelmina kon er ook wat van: Eenvoudig willen zijn. En naarmate haar leven vorderde wilde ze almaar Eenvoudiger. Kijk maar naar de  spijskaarten van de diners die ze gaf. In 1900, twee jaar na haar inhuldiging, stonden daar nog 17 gangen op. In 1930 waren het er nog maar negen: voorgerecht, soep, tussengerecht, vleesschotel, visschotel, wildschotel en diverse nagerechten. Dat lijkt weliswaar sprekend op een eigentijdse paasbrunch van Albert Heijn, alleen het koninklijke menu van Wilhelmina was ook nog eens een kéuzemenu.

Het is dat de aanleiding zo treurig was, maar haar ballingschap in Londen tijdens de Duitze bezetting van Nederlad n (1940-1945) bood Wilhelmina de gelegenheid om nóg veel eenvoudiger te gaan leven. Geen protocol, geen glitter en glamour en geen paleizen, maar eenvoudige huizen met sobere werkkamers.

Naïef

Niet dat ze daarmee ook meteen eenvoudig wás. Dat stond om te beginnen al haar geïsoleerde en exclusieve opvoeding onherstelbaar in de weg. Die maakte waarschijnlijk ook dat ze af en toe naïef kon zijn, zoals Gerard Rutten vertelt in zijn boek ‘Ontmoetingen met koningin Wilhelmina’.

Omslag gedrukte toespraak Radio Oranje

Bijvoorbeeld toen ze in Londen een bemanningslid ontving van een door Duitsers getorpedeerd schip. Zijn grote hoofdwond wijtte ze uiteraard aan de aanval. De man zei echter: ‘Welnee, eh koningin, ik ben met mijn dronken kop tegen een deur gesodemieterd’. Wilhelmina glimlachte, maar naderhand kon ze niet nalaten te vragen wat ‘gesodemieterd’ nou eigenlijk betekende.

Er doen vele anecdotes de ronde uit haar Londense tijd, ongetwijfeld voor de helft apocrief, maar altijd de moeite waard.  Zo vertelde een radiotechnicus mij ooit over haar toespraken voor Radio Oranje en vooral over die in herfsttijd. Zodra het weerbericht storm had voorspeld, begon Majesteit voor de microfoon haar stem te verheffen. Ondanks de uitleg van de dienstdoende technicus dat de storm hoegenaamd geen invloed had op gelúidsgolven, nam de koningin het zekere voor het onzekere. Ze bleef de volumemeters in het rood jagen.

Bakker Boer

De Wilhelmina Boter Sprits in Jugendstil trommel

Hoe dan ook, haar boodschap kwam goed over en ze werd het spreekwoordelijke symbool van het Nederlandse verzet. In haar naam werden grote daden verricht en vele kleine. Zoals die van de Vlaardingse bakker Boer. Hij bedacht een nieuw boterkoekje en doopte het ‘Willemientje’. Hij adverteerde er zelfs mee. ‘Ons Willemientje staat nog steeds bovenaan’, liet hij weten. En: ‘Van al onze soorten wordt het Willemientje het meest gevraagd,  zegt u dat niets?’ Dit soort burgerlijke ongehoorzaamheid kon natuurlijk niet lang duren en bakker Boer werd enige tijd vastgezet.

Het was trouwens niet de eerste keer dat er een koekje naar Wilhelmina werd genoemd. In haar jeugd bestond al de Wilhelmina Boter Sprits (foto rechts). De fraaie Jugenstil blikken worden soms nog op veilingen aangeboden.

Na de oorlog heeft Wilhelmina heel wat mensen uit het grote en het kleine verzet gesproken. In haar eenvoudig ogende kleren, aanvankelijk wonend in burgerhuizen. Maar toen ze vlak na de bevrijding in Amsterdam incognito een tramritje maken wilde maken, liep het al meteen fout toen ze met haar overbekende radiostem de conducteur om een kaartje vroeg en wat het kostte. Zelfs toen ze een beetje kwaad bij de volgende halte uitstapte, ontstond onmiddellijk een oploop om haar heen. Er was geen redden meer aan; ze moest weer in haar Gouden Kooi. Terwijl om haar heen het land  veel te snel naar haar zin de ontberingen van de oorlog vergat. Maar ruim 60 jaar later wordt af en toe toch nog aan die grote strijd gedacht. En zeker in de vroege meidagen.Waarom in die tijd geen Wilhelmientjes (of Willemientjes, zoals ze ook wel worden genoemd) gebakken. Het is een heel Eenvoudig koekje!

 

Illustratie en copyright Hélène Jorna

Nodig:

220 gr. boter

140 gr. witte basterdsuiker

4 gr zout

1 ei, losgeklopt

350 gr. Zeeuwse bloem, gezeefd

6 gr. bakpoeder, gezeefd

 

Bereiding:

Meng de boter met de basterdsuiker, het zout en het losgeklopte ei. Meng hier het bakpoeder en de bloem door. Kneed het even en laat het deeg, afgedekt, een uurtje in de koelkast rusten. Verwarm de oven voor op 160 graden.

Rol van het deeg telkens een bolletje ter grootte van een knikker. Leg ze op enige afstand van elkaar op een licht ingevette bakplaat. Sla de bolletjes vervolgens plat met een houten blokje of de achterkant van een lepel. Bak de Wilhelmientjes ongeveer 18 minuten in de oven.

 

Met dank voor het recept aan de Kookboekhandel in Amsterdam die ‘Koekje’, uitgaf, een kostelijk boek over Hollandse koekjes, van Cees Holtman en Kees Raat.

 

Copyright Els Smit

Gepubliceerd op 20 april 2012

Eerst publicatie in Vorsten nr 7 2007