Royal Cuisine 13

Bertha met de Ganzenvoet

Bertrada van Laon, graf in de St. Denis, Parijs

Karel de Grote in de Dom van Keulen

Er was eens een koningin, die Bertha met de Ganzenvoet heette. Echt waar. Ze was de dochter van de Franse graaf Charibert van Laon en in 740 trouwde ze met Pepijn, koning der Franken. Althans, dat was hij vanaf 752. Voor die tijd was Pepijn majordomo aan het hof van de Merovingische koningen, die al generaties lang het rijk der Franken regeerden. De Merovingers kregern echter steeds minder macht. De majordomo, letterlijk hoofd van de huishouding, wist alles en regelde alles. Ook voor zichzelf: het ambt van majordomo was net als het koningschap erfelijk.

In 752 waren de verzamelde Franse edelen zo ver dat ze hun Merovingische koning Childeric III het bos instuurden en Pepijn uitriepen tot koning der Franken. De paus, Stefanus II, gaf er ook zijn zegen aan. Hij reisde zelfs persoonlijk naar Parijs om Pepijn te zalven.

Omdat de dood in die dagen een permanent grotere realiteit was dan het leven, zalfde Stefanus ook meteen Pepijn en Bertha’s tienjarige oudste zoon Karel of in het Frans: Charles. Welke Charles? Charlemagne: Karel de Grote.

Bijnamen

Echte ganzenvoeten

Tot in de negentiende eeuw hebben alle volkeren hun vorsten bijnamen gegeven. Toen was het over. De laatste Nederlandse prins-met-een-toevoeging was Hendrik de Zeevaarder (1820-1879), de broer van koning Willem III. (Spotnamen zoals ‘Koning Gorilla’ voor Willem III tellen niet mee.)

Pepijns bijnaam was ‘De Korte’. Dat had verder geen diepere bedoeling. Hij was een goede en gerespecteerde koning. Hij was alleen een beetje klein van stuk.

Zijn vrouw Bertha, die officiëel Bertrada heette, ging dus door het leven als Bertha met de  Ganzenvoet. En ook dat is begrijpelijk. In een van haar voeten waren drie voetpezen zodanig met elkaar vergroeid dat het wel een ganzenvoet leek.

Ze liep er zelf niet mee te koop en gelukkig schreef de mode lange gewaden voor. Maar pikante details over koningen bleven ook toen al zelden verborgen. Bertrada’s ganzenvoet was binnen de korte keren bekend in Frankenland en daarbuiten.

Vrouw Holle laat het sneeuwen

Nu was voor de meeste mensen in die tijd het hof zoiets als het hiernamaals: aan de andere kant van het menselijk bestaan. En er speelde nog iets. De christelijke kerk was dan wel oppermachtig en had alle oude feesten van het volksgeloof wel omgezet in heilige feestdagen, maar net als tot voor kort in Ierland en Scandinavië, waren de voor-christelijke goden nog springlevend. Zeker in tijden van nood.

Vrouw Holle

Een van die oude godinnen heette Berchta. Zij was een van de drie schikgodinnen die het lot van ieder mens bepaalden. Ze was in vele landen en culturen bekend en had evenzoveel namen. Zo heette ze in Ierland Brigid. In Nederland kennen haar nog als Vrouw Holle, die op de bodem van een waterput woonde. Zij beloonde of bestrafte iedereen die in de put viel, zoals in het sprookje Goud-Elsje, waarin het goede en vlijtige meisje wordt beloond met een gouden kleed en het hooghartige, luie meisje wordt bestrapt met een kleed van pek.

Berchta’s (Vrouw Holles) rune

Deze Vrouw Holle, alias Berchta, had nog veel meer bezigheden. Zo begeleidde ze de zielen van de doden naar het hiernamaals. Maar ze was ook een goed huishoudster. Als het ‘s winters sneeuwde, dan was het duidelijk: Vrouw Holle schudde haar (veren) kussens uit.

En ze was een bekwaam spinster. Eeuwenlang gold spinnen als een heilige arbeid, exclusief voor vrouwen. Vrouw Holle/Berchta nu was de spingodin. Ze spon van alles, ook de herfstdraden in de tuin, die wij spinnenwebben noemen.

Herfst was echt het seizoen van Berchta. Dat liet ze ook blijken. Zoals vele oude godinnen had ze haar eigen embleem, een logo zo u wilt. Het was een rune (een oud Germaans symbool): een verticale lijn met aanweerszijden twee neergaande lijnen, symbolisch voor het naderend einde van het jaar, wanneer de natuur zich onder de grond terugtrekt. Het was een duidelijk embleem. En … het leek heel veel op  …. een ganzenvoet.

De boze fee uit Doornroosje, het meisje dat zich prikte bij het spinnen

Spinnen

In de herfst kwamen in de dorpen in heel Europa, ook in de lage landen, de vrouwen ’s avonds  bij elkaar om te spinnen. En net zoals bij zoveel collectieve werkzaamheden, bijvoorbeeld het boeten (knopen) van netten voor de visvangst, werden er liederen gezongen, waarvan de melodieën het werkritme ondersteunden.

En de oudere vrouwen vertelden aan de meisjes verhalen van prinsen en draken,  heksen en prinsessen en nog veel meer.

Dat veelvuldig spinnen was trouwens niet geheel zonder risico. Overbelasting of een lichte verwonding aan de tenen, zoals doorgewinterde joggers die nu soms hebben, hadden vaak vervelende gevolgen. Mits onbehandeld konden die resulteren in, jazeker, een ganzenvoet.

Koningin Bertha en haar spinsters, een artist’s impression uit de 19de eeuw

Bertha, koningin der Franken, zal als rolmodel ook veel hebben gesponnen. Daarnaast had ze het uiteraard ook druk met het regelen van politiek voordelige huwelijken voor haar kinderen. Maar in de avonden van de herfst en winter was ze een hooggeplaatst wuf dat spon , omringd door haar hofdames. En reken erop dat ook daar mooie verhalen werden verteld, steeds mooiere naarmate Bertha ouder  en wijzer werd en haar hofdames naar verhouding steeds jonger. ‘Moeder de Gans’, noemden ze haar. Zeggen ze.

Vanwege die voet natuurlijk. Want als vroeg-middeleeuwse tegenhanger van onze tennisarm en voetbalknie had Bertha dus een typisch geval van spinvoet.

Bertha overleed op 12 juli 783 na een mooi leven van beminnelijk geïntrigeer en als licht bazige moeder voor haar zoon Karel, die een hoofdrol in de wereldgeschiedenis zou gaan spelen. Terwijl zij …. zullen we het zeggen … niet veel meer zou zijn dan een voetnoot.

Dat geeft niet, er zijn prachtige voetnoten en wie ze ontdekt, is een rijker mens.

Sprookjesboek

Illustratie in een uitgave Perrault Sprookjesboek uit 1922

Intussen is het niet zo verwonderlijk dat koningin Bertha  en de oude godin Berchta (Vrouw Holle) in de folklore met elkaar verweven zijn geraakt.

En zo kon er eind zeventiende eeuw, tien eeuwen na Bertha, een boekje uitkomen met als titel: ‘De sprookjes van Moeder de Gans’. Auteur was de Franse schrijver Charles Perrault.  Een aantal van zijn sprookjes zou, soms in een iets andere vorm, terugkomen in de dikke bundels die de Duitse gebroeders Grimm begin negentiende eeuw uitbrachten. De sprookjes van Perrault en Grimm zijn talloze malen herdrukt en we kennen ze allemaal: Doornroosje, Sneeuwwitje, Assepoester, Repelsteeltje, Blauwbaard enz. enz. en, eh, Vrouw Holle natuurlijk.

Al die volksvertellingen, want dat zijn het,  hadden veelal hun oorsprong in de verering van de godin Berchta. De titel ‘Moeder de Gans’ was echter een verwijzing naar de historische koningin Bertha.

Ook in oktober 2012 korten sinds juni de dagen weer. Omstreeks deze tijd werd eeuwenlang in heel Europa weer druk gesponnen, gezongen en verteld.

Laten we ze gedenken, de vrouwen van Berchta en Bertha, ook met het oog op Halloween, het latere Allerheiligen, wanneert volgens de oude Kelten veel oude zielen weer wilden terugkeren op aarde en Vrouw Holle (Berchta) het dus extra druk had.

Petemoei, Assepoester en pompoen, ill Lois Klensky, 1920

Pompoensoepje?

 

 

Nodig:

Een halve grote of een kleine pompoen (ong. 500 gram)

1 grote rode ui, gesnipperd

2 of 3 tenen knoflook, heel klein gesneden of geperst

3 stengels bleekselderij, schoongemaakt en in kleine stukjes

¾ liter kippenbouillon

Evt. flinke scheut rode wijn

Peper en zout

Olijfolie

Extra:

(Saus)pan met dikke bodem

Staafmixer of roerzeef

 

Bereiding:

Verhit de olijfolie.

Fruit de ui glazig.

Dan de knoflook erbij, even fruiten.

Voeg vervolgens pompoen en bleekselderij toe.

Zet deze groenten al omscheppend even aan.

Voeg zout en peper toe.

Doe er een paar lepels bouillon bij en evt. een scheut rode wijn en breng het geheel aan de kook.

Zet op een laag pitje met het deksel half op de pan.

Laat het mengsel 20 minuten zachtjes stoven.

Maak dan de groenten fijn met een staafmixer of passeer ze door een roerzeef.

Zet terug op het vuur en roer er beetje bij beetje de bouillon bij totdat de soep de gewenste dikte heeft. Evt. nog wat zout en peper toevoegen.

Lekker met grof volkorenbrood.

Met dank voor het recept aan Susan van Toledo

 

En opdat we het nóóit vergeten: ‘Vrouw Holle, ben je thuis? ’ Of: De kleine Marie-Claire is een dagje op de Efteling, een filmje van Youtube, van: http://www.dumoulinevenementen.nl/

 

Copyright Els Smit

Gepubliceerd op 18 oktober 2012 

Klik op de foto’s voor vergroting en gedetailleerde bronbeschrijving

U kunt op dit artikel reageren door te klikken op de blauwe feedback sticker aan de linkerkant van de pagina.