Royal Cuisine – 7 –

Translation possible via toolbar

Blini’s á la Anna Paulowna

Blini's met zure room en rode kaviaar

Anna Paulowna

‘Gdje bliny, tan i my’ luidt een oud Russisch gezegde. Of wel: ‘waar de pannenkoeken zijn, daar zijn wij ook.’ Maar toen Anna Paulowna in 1816 als de Russische bruid van de prins van Oranje (de latere Willem II) in haar ‘allervorstelijksten en onbeschrijfelijken rijken tooi’ in Nederland aankwam, waar waren toen de blini’s? Geen spoor van die heerlijke pannenkoekjes die ze van thuis kende, belegd met kaviaar of gerookte zalm en een toefje zure room.

Ja, Nederland had iets dat er op leek: poffertjes of zoals Anna zei: ‘Poffertjoes’. Maar die waren bereid met tarwebloem en niet met boekweitmeel, dat de blini’s (enkelvoud in het Russisch blin, meervoud bliny) hun karakteristieke smaak en finesse geeft.

Bovendien waren poffertjes veel kleiner. Zoals alles in haar nieuwe vaderland kleiner was. Het moet een hard gelag zijn geweest voor een tsarendochter uit een land waar alles in het groot gebeurde en die om te beginnen zelf van geboorte grootvorstin was én een kleindochter van Catharina de Grote.

Égards

Schilderij van K.A. Ukhtomsky

Haar paleis in Den Haag moet als een poppenhuis hebben gevoeld, zonder de onmetelijke balzalen en de trappenhuizen om in te verdwalen waar ze in Rusland aan gewend was. Toch hebben we haar zelden horen klagen, zelfs niet over de náám van haar nieuwe thuis: het Paleis aan de … Kneuterdijk. Anna hield zich groot, maar bij sommige dingen hield ze voet bij stuk. ‘Ik eis égards’ placht ze te zeggen. Dat gold ook voor het voedsel dat ze tot zich nam. Een kok die haar sagosoepje kennelijk niet up to standard had afgeleverd, moest dat bezuren met het inleveren van twee weken loon.

Russische icoon van Maria met kind, 1482

Na de dood van Willem II in 1849 vereenzaamde ze. Zoals dat dan vaak gaat, werd haar verleden steeds belangrijker voor haar. Ook zocht ze soelaas in haar oude geloof. Het huis Rustenburg dat naast haar paleis Rustenburg in Den Haag lag liet ze tot een Russisch orthodoxe kapel verbouwen. Daar – en in de kapellen van haar andere paleizen – volgde ze de feesten en gedenkdagen van haar van oudsher vertrouwde kerkelijke kalender. Dus ook Kerstmis, dat in Rusland natuurlijk groots werd gevierd. Daar barstte, na een periode van vasten, op kerstavond het feest los zodra de eerste ster aan de hemel verscheen. Dan werd een 12-gangen maaltijd opgediend: één gang voor elke apostel, geserveerd op een wit tafelkleed als symbool van de ingebakerde Jezus.

Anna hád zo’n wit kleed, geborduurd met haar monogram. Het wordt bewaard in de Koninklijke Verzamelingen van het Huis van Oranje-Nassau.

Onderdak en warmte

matroska pop(pen)

Vlees was op kerstavond taboe, maar des te groter was het aanbod aan vis, kaviaar en graanproducten (voor hoop op betere tijden), vaak samen terug te vinden in en op blini’s. Voor het raam brandde een kaars die als Jozef en Maria langs mochten komen, onderdak en warmte verzekerde.

En daarna kwam de échte Kerst die altijd wit was. De kerkdienst, de krakende sneeuw, de cadeautjes, het kerstdiner met wél vlees, meestal gans of speenvarken: het moeten mooie herinneringen zijn geweest voor Anna.

Inmiddels zijn we zo’n twee eeuwen verder. En blini’s worden als er iets te vieren valt over de hele wereld klaargemaakt. Het is bijna: ‘waar wij zijn, zijn de pannekoeken ook’. Waarom deze kerstavond, met alle égards voor Anna, geen blini’s op het menu?

 

 

 

Illustratie en copyright Hélène Jorna

Nodig (voor ongeveer 12 blini’s):

15 g gedroogde gist

250 ml lauwe melk

100 g bloem

150 g boekweitmeel

snufje zout

1 ei

50 g boter of margarine

Voor het beleg:

Naar keuze:

kaviaar of zalmeitjes

gerookte zalm.

zure room

takjes dille en/of bieslook

Bereiding:

Los de gist op in de lauwe melk. Zeef boven een grote kom de bloem en het boekweitmeel. Voeg een snufje zout toe. Roer er vanaf het midden de gist met melk door.

Laat de kom afgedekt op een warme plaats 1 uur rijzen.

kaviaar

Smelt dan de boter en roer hiermee het ei los. Voeg dat bij het enigszins gerezen beslag en laat dat nog eens een uur verder rijzen.

Bak vervolgens telkens met een klontje boter dunne pannenkoekjes. Houdt die warm op een bord op het allerkleinste vuur-met-sudderplaatje en dek de stapel steeds (snel) af met een groot deksel.

Laat iedereen aan tafel de blini’s eerst bestrijken met zure room en vervolgens beleggen met de visseneitjes en de zalm.

Drink er een glaasje wodka of champagne bij en toast op Anna.

En luister naar een van die schattige kolyadka’s (kerstliedjes) uit haar jeugd:



Copyright Els Smit

Gepubliceerd op 10 december 2011

Eerste publicatie tekst: Vorsten nr 13 2006